Aandelen kunnen heel goed voor inkomen zorgen

Column | Nog geen reacties

Beleggers die vooral uit zijn op inkomsten hebben hun portefeuille traditioneel opgebouwd rond staatsobligaties, zonder veel oog voor andere beleggingscategorieën. Ed Perks, Executive Vice President en Directeur Portefeuillebeheer, Franklin Equity Group, gelooft dat aandelen een belangrijk deel kunnen uitmaken van een inkomstengerichte portefeuille. Daarbij is, gelet op de ontwikkelingen in de koerstrends en rentedynamiek, een zorgvuldige selectie van de individuele aandelen echter van doorslaggevend belang. Ook zegt hij dat veel beleggers die louter op het binnenland gericht zijn (de zogeheten ?thuislandvoorkeur’) wellicht naast beleggingen grijpen uit andere delen van de wereld die potentieel inkomsten kunnen opleveren.

Het aandelenluik van de vergelijking

Algemeen gesproken staan wij op dit moment positief tegenover aandelen. Wat het rendement van de aandelenmarkten voor de komende tijd betreft zijn we nog steeds optimistisch, maar we verwachten geen stijgingen zoals in de afgelopen jaren, die profiteerden van een combinatie van herstel na de recessie en de groei van de waarderingsmaatstaven zoals de koers/winstverhouding (P/E). Ondernemingen lijken tegenwoordig meer oog te hebben voor de belangen van de aandeelhouders, wat volgens mij een fundamenteel gunstige zaak is voor aandelen. In 2010-2011 concentreerden veel ondernemingen zich meer op hun balansen: ze verlaagden hun schulden, bijvoorbeeld door oudere obligaties in te kopen of om te ruilen, en ze schroefden ook hun totale renteblootstelling terug. Eenmaal dat het herstel vorderde en de ondernemingen hun balansen hadden aangesterkt verschoof hun aandacht naar de aandeelhouders, wat tot uiting kwam in hogere dividenden. Dividendgroei is de laatste tijd een belangrijk thema geworden op de aandelenmarkten, en we verwachten dat deze trend ook voor de rest van 2014 en 2015 zal aanhouden. Wij focussen dan ook sterk op dividenduitkerende aandelen. Ook de andere onderdelen van de vermogensspreiding zijn volgens ons zeer belangrijk, en wij besteden bijvoorbeeld extra aandacht aan aandeleninkoop en kansen bij strategische fusies en overnames.

De potentiële risico’s van een hogere langetermijnrente, of een hogere inflatie, zijn voor mij een punt voor de langere termijn, evenals een mogelijke terugloop van een aantal belangrijke economieën buiten de VS. De markt in haar geheel is zich zeker bewust van deze risico’s, en we kregen daar eerder dit jaar al een voorproefje van. Geopolitieke onzekerheid is altijd moeilijk te voorspellen. Onze aanpak moet het dus hebben van de analyse van de fundamentals, ondersteund door bottom-up onderzoek, om individuele beleggingen in specifieke ondernemingen op te sporen. Zo bouwen wij posities op in aandelen die volgens ons op aantrekkelijke vooruitzichten kunnen bogen, niet alleen voor het inkomstenpotentieel dat die ondernemingen kunnen leveren, maar ook om hun waarde op langere termijn.

Een wereldwijd perspectief

Wanneer wij aan beleggingen denken, denken wij aan ons hele wereldwijde beleggingsuniversum. Dit blijkt uit de aandelen en obligaties van de ondernemingen die wij in onze portefeuille hebben. Wij proberen ons fundamenteel onderzoek te benutten om specifieke kansen in bepaalde gebieden te ontdekken. Veel energie- en gezondheidszorgbedrijven, bijvoorbeeld, zijn echte multinationals. En zo benadert ook ons onderzoek deze sectoren: wij proberen ondernemingen te identificeren die volgens ons het best gepositioneerd zijn en die aansluiten bij ons algemene profiel; ondernemingen waarvan wij menen dat ze onze doelstelling van inkomsten en waardestijging op lange termijn kunnen helpen verwezenlijken. Waar een onderneming gevestigd is, is niet onze belangrijkste zorg. In plaats daarvan kijken wij naar potentiële kansen om te profiteren van waarderingsafwijkingen tussen verschillende markten. Met andere woorden, als van twee ondernemingen in dezelfde sector en met vergelijkbare winst- en groeivooruitzichten het ene lager gewaardeerd is als gevolg van de regio waarin zij gevestigd is, zullen wij die onderneming vaak als de interessantste van de twee beschouwen.

Uit onze ervaring blijkt dat veel beleggers de neiging hebben om overwogen te zijn in nutsbedrijven, vanwege zowel de defensieve aard van deze sector als het potentieel genereren van inkomsten via dividenden. Er heerst de laatste tijd nogal wat bezorgdheid over de rentegevoeligheid van veel nutsbedrijven en hun mogelijk te hoog gestegen koersen. Ik heb daar een wat andere kijk op. Hoewel de rentegevoeligheid de laatste tijd wat op de voorgrond is gekomen, onder andere door de stijging van de rente op 10-jarige staatsobligaties vorig jaar, denken wij dat hier ook heel wat kansen te rapen vallen door de inherente bedrijfsmodellen van de nutsbedrijven, die de afgelopen decennia sterk zijn geëvolueerd. Er bestaan tegenwoordig uiteenlopende bedrijfsmodellen en kansen binnen de sector. Wij hebben heel wat in het werk gesteld om nutsbedrijven te identificeren die volgens ons een interessante of ongebruikelijke dynamiek kunnen voorleggen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan nutsbedrijven die kunnen groeien door hun activiteiten in energie, infrastructuur of de bouw van elektriciteitscentrales.

De rente op staatsobligaties, wordt het nog wat?

Sinds het begin van het jaar zijn de rentevoeten gedaald, hoewel de rente op 10-jarige staatsobligaties de laatste tijd weer iets is gestegen, tot circa 2,6%.[1] Ter herinnering, in 2013 was er een aanzienlijke stijging van de lange rente na de dieptepunten van het tweede kwartaal rond 1,6%, en werd het jaar afgesloten rond 3%.[2] Wij denken dat dit in zekere mate een overreactie is. Toen we 2014 ingingen flakkerde de bezorgdheid over het tempo van de economische activiteit in de wereldeconomieën en in de VS op. Met name in de laatste werden de korte-termijnstatistieken sterk beïnvloed door de zeer koude en strenge winter in een groot deel van het land. Wij denken dat deze gebeurtenissen hebben bijgedragen tot de bescheiden afname van de rente. Wat de toekomst betreft blijven wij erin vertrouwen dat de Amerikaanse economie een bescheiden groei en verbetering zal blijven boeken, vooral waar het de arbeidsmarkt aangaat. Uiteindelijk zou die verbetering gepaard moeten gaan met een geleidelijke normalisering van de rentevoeten. Het monetaire beleid is ontzettend stimulerend geweest, niet alleen in de VS maar ook in de rest van de wereld, en we staan nog maar aan het begin van de afbouw daarvan in de VS.

Hoogrentende obligaties in de mix

De afgelopen jaren hadden wij ook speciale aandacht voor hoogrentende bedrijfsobligaties. Dat is zeer zeker een gebied waar wij enorme kansen zagen na de kredietcrisis van 2008-2009: niet alleen omwille van de aantrekkelijke inkomsten, maar ook omdat een groot deel van de markt werd verhandeld onder de nominale waarde, hetgeen ook een niet te versmaden waardestijgingspotentieel inhield. Vandaag is de context heel anders en wij beleggen dan ook minder in de vastrentende sector maar verschuiven ons vermogen naar andere delen van de markt. De kredietspreads zijn versmald en het incrementele renteverschil is niet meer zo aantrekkelijk als vroeger. Dat betekent echter niet dat er geen kansen bestaan voor selectieve beleggers. Wij richten ons op ondernemingen die volgens ons in een aantrekkelijk tempo kunnen groeien en, belangrijker nog, niet alleen beschikbare cashflow kunnen genereren, maar die cashflow ook inzetten om hun balans te versterken of hun totale kredietpositie te verbeteren.

Door de toegenomen belangstelling van beleggers voor hoogrentende obligaties is er nu zelfs mogelijk sprake van een zeepbel. Hoewel je nooit zeker kunt zijn, bestaan er diverse redenen waarom wij een andere mening zijn toegedaan. Wij denken dat de rentevoeten in de komende tijd weliswaar een opwaartse trend kunnen vertonen, maar dat zij op korte termijn niet wezenlijk zullen stijgen. Dat zou zeker voordelen opleveren voor hoogrentende obligaties. Het feit dat bedrijven de afgelopen jaren uitgebreid de kans hebben gekregen om hun schuldpapier te herfinancieren is ook lonend gebleken. Wij verwachten dan ook dat er minstens twee jaar lang geen significante herfinanciering van bedrijfsschuld zal zijn, hetgeen voor de sector redelijk gunstig zou moeten uitvallen.

Door: Ed Perks, Executive Vice President en Directeur Portefeuillebeheer, Franklin Equity Group

Deel dit artikel

Terug naar het columns overzicht

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies om u de beste surfervaring te geven. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op 'Accepteren' hieronder, dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten